Of je een hygiëneplan nodig hebt
Dat hangt af van wat je doet. Voor tatoeëren, permanente make-up (PMU) en piercen heb je in Nederland een vergunning nodig; alleen wie uitsluitend gaatjes in oorlellen prikt, is daarvan vrijgesteld. Je vraagt de vergunning aan bij de GGD in je gemeente, en ze is drie jaar geldig. Daarbij horen wettelijk aangewezen hygiëne-eisen: de norm NEN-EN 17169 voor tatoeëren en PMU, en de hygiënerichtlijnen van het LCHV voor piercen. Voor kapsalons, schoonheidssalons en nagelstudio's zonder zulke behandelingen heeft het LCHV geen eigen richtlijn; daar is een geschreven plan de eenvoudigste manier om te laten zien dat je hygiënisch werkt. De GGD in je regio kan je adviseren. In België gelden eigen regels.
Wat erin hoort
Het sjabloon volgt de vaste onderdelen van hygiënisch werken: handen, desinfecteren en steriliseren, wondverzorging, schoonmaken, en het opslaan en afvoeren van materiaal, telkens met wie het doet. Voor piercers vraagt de LCHV-richtlijn uitdrukkelijk om een schoonmaakschema dat per onderdeel beschrijft hoe vaak en op welke manier er wordt schoongemaakt; dit plan is zo opgebouwd. Middelen, concentraties en inwerktijden neem je over uit de gebruiksaanwijzing van je producten.
Ophangen, nalopen, instrueren
Een plan helpt alleen als het team het kent. Hang het op waar iedereen het ziet, neem het door met elk nieuw teamlid voordat die begint en loop het minstens eens per jaar na, en ook zodra er een nieuw apparaat of een nieuwe behandeling bijkomt. De piercingrichtlijn van het LCHV vraagt bovendien dat iedereen die schoonmaakt, instructie krijgt over de manier van schoonmaken en de middelen. De regel onderaan het plan legt vast wanneer je dat voor het laatst hebt gedaan. Ons artikel over hygiënestandaarden in de kapsalon laat zien hoe je elke taak aan een vast moment koppelt (na elke klant, bij de dagafsluiting, eenmaal per week), zodat het plan ook op een volle zaterdag standhoudt.
Inhoudelijk gecontroleerd op 25-09-2026